De laatste vrijplaats
Journalist Luc Vanheerentals schreef een boek over De Bereklauw -- ik wilde het meteen lezen en bespreken. De Bereklauw is een wereld op zich, een vrijplaats (een van de laatste?) vlakbij de stad, verborgen in het groen.
Je vindt hier de website van de Bereklauw (met prachtige foto's), en een artikel van de vrt over het boek van Vanheerentals dat verschijnt naar aanleiding van Gosses 80e verjaardag.
Ik ben een aantal keer op de Bereklauw geweest en ik ken Gosse, Bereklauw-Bezieler, een beetje. Dat maakt het boek voor mij extra speciaal: om te lezen over die plaats, waar ook ik mooie ervaringen beleefde. Maar zelfs als je nog nooit van De Bereklauw gehoord hebt, is dit een interessant boek voor al wie:
-houdt van vrijheid en ongedwongenheid
-geïnteresseerd is in communes en vrijplaatsen
-in samenleven op een andere manier
-in anarchisme in de praktijk
-in je eigen ding doen, los van hoe de maatschappij werkt of wat 'de mensen' denken
-in zorgen voor mekaar
-in duurzaamheid, zelfvoorzienend en ecologisch leven, en recyclen
Gouden Jaren
Tijdens het lezen van het boek, de talloze van grappige en bijzondere anekdotes over het leven in deze unieke gemeenschap, bekroop me meermaals een weemoedig verlangen naar 'de tijd van toen': in de 'Gouden Jaren' dat de Bereklauw een ware ideeën fabriek, een creatieve autarkische permacultuur en kunst gemeenschap was, kwam ik er een aantal keer. Ik vergeet nooit meer het gevoel van vrijheid dat ik er ervoer. Lees bv Over je eenzaam voelen in je ecologische overtuiging: de Bereklauw is zo'n plek, waar ik echt een thuiskomen gevoel ervaar, een aanvaarden, een wederzijds begrip. Omdat iedereen er zichzelf kan zijn, zonder dat er vreemd opgekeken wordt over pakweg je kledij, haarstijl, levensfilosofie of manier van tuinieren.
Tijdens het lezen van het boek -- Luc weet die vrije, ongedwongen sfeer heel goed te vatten -- besefte ik pas goed, hoe lang geleden het lijkt, dat er een levendige, sterke, samenhangende alternatieve 'scene' was. Ik herinner me de gouden jaren van het Leuvense kraakpand Villa Squattus Dei, niet ver van de Bereklauw gelegen - met zijn voxkeukens, optredens, weggeefwinkel, anarchotheek, workshops, lezingen, expo's en festivals. In diezelfde periode was ook de Bereklauw 'Alive and kicking': er gebeurde vanalles, er werden fantastische initiatieven georganiseerd, het bruiste.
Van Idealistische Alternativo Vrijplaats naar Opvangplek voor Verschoppelingen
Maar het kraakpand werd ontruimd, mensen verhuisden, groepen vielen uit elkaar. In de Bereklauw streken, naast de idealistische bewoners die de wereld beter wilden maken, zo langzamerhand steeds meer beschadigde mensen neer. Mensen met een zware rugzak, die nergens anders terecht kunnen, uitgespuwd en vergeten door de maatschappij, en opgevangen door Gosse en de Bereklauw bewoners: op de Bereklauw werken ze mee op hun eigen tempo aan zinvolle projecten en dagdagelijkse handenarbeid zoals koken, tuinieren, repareren. In de rust van die groene, tolerante omgeving kunnen ze weer ademhalen.
Ben ik gewoon oud geworden, of zijn er werkelijk minder vrijplaatsen? Ik denk een combinatie: de maatschappij is mijns inziens, en de interviews in het boek berichten daar eveneens over, veel harder geworden. 'Alles is nog veel erger geworden', zegt er ergens iemand. Van anarchistische, ecologische creatieve inspiratieplek is de Bereklauw langzaam maar zeker veranderd in een opvangplaats voor mensen die niet meer mee kunnen of willen draaien in de ratrace, en die nergens terecht kunnen.
Prachtig en ontroerend, hoe de Bereklauw opkomt voor zulke mensen: hier wordt niets weggegooid, geen dingen en geen mensen, was een zin uit de mond van een bewoner in de mooie reportage over de Bereklauw die Karine Claassen er voor het programma 'Op een ander' draaide. Je moet het maar doen: je koopt een gigantisch terrein, je knapt het op, je organiseert er samen met anderen tal van activiteiten, en je vangt er mensen op die dakloos of werkloos of hopeloos zijn.
Mijn herinneringen aan de Bereklauw
Wanneer ik er voor de eerste keer kwam, weet ik niet meer. Ongetwijfeld was het, omdat we iets (groenten, fruit, of materiaal) moesten ophalen voor onze Volxkeuken. Mijn vriend en ik reden er per camionet naar toe: ergens naast een grote parking was een onooglijk zijstraatje waar we in draaiden. Het eerste teken, dat we een bijzondere plek naderden, was de opvallend grote brievenbus in de vorm van een beer! De bereklauw dankt zijn naam aan de Reuzenbereklauw die er weelderig groeit. (Lees Creatief met berenklauwzaadjes voor leuke receptideeën met onze inheemse berenklauw).
De Reuzenberenklauw is een prachtige, imposante plant die, als je erlangs schart, brandwonden kan veroorzaken: net als de klauw van de beer. De beervormige brievenbus vormt een grappige zinspeling op die naam.
Berenbrievenbus...Het holle wegje vertoonde diepe kuilen en hobbels. Langs weerszijden: hoog gras, hoge planten, dichte begroeiing. Een bosachtige, sprookjesachtige sfeer. Fruit en groenten, daar was op de Bereklauw geen gebrek aan: Gosse en zijn crew gingen wekelijks skippen ofte dumpster diven op markten, bij supermarkten en nog andere plekken (lees: Modern Aren Lezen). Iets wat vandaag de dag, met alle camera's en gasboetes, zonder overeenkomst met de eigenaar, ondenkbaar zou zijn. Vandaag is skippen vervangen door (overigens heel doeltreffende maar wel betalende) initiatieven als Too Good to Go. En aan materiaal was ook geen gebrek op de Bereklauw, zo vertelde mijn vriend: er zijn massa's werkplaatsen, en heel veel gerecycleerde dingen, het is "een zotte plek."
We bereikten een huis dat me onmiddellijk aan Tibet deed denken. De kenmerkende vlagjes hingen er, maar er was iets aan die stijl, aan het hout, dat me in gedachten meevoerde naar het noorden van India.
Eens je door de poort gaat -- je moet tussen twee gigantische vogelkoppen op lange nekken door (zie de cover), ben je daadwerkelijk de drempel overgegaan naar een andere wereld. Een wereld waar alles kan en mogelijk is. Je stuit er op allerlei vreemde bouwsels, kassei straatjes die je aan een dorp uit de jaren dertig doen denken, rommel en kunst door elkaar, talloze al dan niet omgebouwde supermarktkarretjes vol vervallen maar nog bruikbaar voedsel, prachtige oude bomen en hop, drie kippen in een nis, en vijf duiven op een dak. Overal rondom je, vogelgefluit en hanengekraai (er leefden toen ik er kwam zowat drieduizend hanen op de Bereklauw, je kwam ze overal en altijd onverwacht tegen).
Gekke stenen trapjes die zomaar tussen de bomen verdwijnen, terrasbouw, verborgen tuinen, serres, beschilderde caravans, plots een reeks mooie, mysterieuze beelden die uit de grond lijken te verrijzen en in volledige harmonie zijn met de omgeving (de kunst van Stinne), ouderwetse speeltuin attracties, een festivaltent, enzovoort.
En dan heb ik het nog niet over de bewoners gehad! Gosse met zijn kenmerkende kabouterbaard en verwelkomende verhalen. Ivan met zijn kruidenkennis en zijn tienduizend boeken, die altijd precies weet welk boek je nodig hebt. Kampvuren en gitaren, ambachtenmarktjes, festivals, barretjes, mozaïekmuren, dampende gigantisch grote kookpotten. Mijn geheugen is een zeef maar ik herinner me flarden van mooie zomeravonden met muziek en kaarsen, en koude kerstmarktjes met bevroren adem en een tent vol kleding tegen vrije bijdrage. Een duidelijke herinnering: Gosse en een andere oudere man met baard zitten naast elkaar. Een kindje, van een jaar of drie, vier? - klimt op hun schoot, en trekt telkens opnieuw aan hun neuzen, ieder om beurt. En elke keer opnieuw roepen beide mannen, booeehh, en buuhhh, en het kindje schaterlacht en het is een fantastisch zicht, die lange neuzen, grijze baarden en die twinkelende ogen.
De andere sterkste herinnering, die ik nergens in de getuigenissen in het boek tegenkwam maar die voor mij de meest overweldigende, ontroerende en gedenkwaardige ervaring op de Bereklauw is, was het begrafenisritueel van een vriend. Ik kende hem niet zo goed. Ik wilde echter ook graag afscheid van hem nemen via dit ritueel: ze zouden een boom ter ere van hem planten op de Bereklauw. Er waren gigantisch veel mensen - hij was een gulle en goedlachse man. Ik herinner me een vuurdanser die met fakkels danste in de nacht, zijn witte tanden flitsten, en telkens bulderde hij: HOE WAS ZIJN NAAM?
ERIK! antwoordde de menigte.
Dat vond ik zo ongelooflijk ontroerend en 'oer'. Een mooier afscheidsritueel dan wat ik daar, toen, zag kan ik me niet indenken.
Het Boek
Ik vind De Bereklauw van Vanheerentals een prachtig initiatief. Het is een leerrijk boek, met veel nostalgie naar vrijheidsdenken en 'een andere wereld'. Heel boeiend om de geschiedenis van Gosse te lezen, en om de vele herinneringen en getuigenissen te leren kennen. Prachtig hoe zowel het idealistische en het zorgende aspect van De Bereklauw uit de doeken wordt gedaan, en indringend: de vraag hoe het verder moet. Gosse is de bezieler, de lijm, de verbindende kracht, maar helaas heeft hij niet het eeuwige leven: ook hoe het verder zou kunnen gaan met de Bereklauw wordt besproken.
Puntje van kritiek: ik vind het jammer dat er veel herhaling is doorheen het boek: zinnen die uit de getuigenissen (achteraan) geplukt zijn, worden geïntegreerd in de uitleg over De Bereklauw (vooraan): op die manier lees je veel letterlijk dezelfde zinnen minstens twee keer.
Verder: alle lof voor het initiatief, de opzet, en uiteraard voor de hele Bereklauw.
Hopelijk komen er gauw weer meer plekken zoals de Bereklauw vroeger was: plekken van rust en creatieve rebellerende inspiratie, van duurzaamheid, vrijheid, respect, en vrede. Ik denk, dat zulke plekken vandaag harder nodig zijn dan ooit.
Nog meer lezen? Check: Hoe ontsnap ik aan de Ratrace?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten